Medicijnen, ouderen
Medicijnen, ouderen
Ouderen en vooral (hoog)bejaarden reageren vaak anders op medicijnen dan jongeren en middelbaren.
Mogelijke
oorzaken
(o.a.)
-
tragere stofwisseling
(= metabolisme), waardoor sommige medicijnen minder goed werkzaam zijn
-
verlaagd lichaamsvocht
, waardoor het medicijn-gehalte in het lichaam te hoog kan worden (= cumulatie).
-
afgenomen vet- en/of spiermassa
, waardoor in het lichaam te hoog kan worden (= cumulatie).
-
verminderde leverfunctie
(= lever-insufficiëntie), waardoor sommige medicijnen minder snel worden afgebroken en minder goed worden uitgescheiden (via de gal).
-
verminderde nierfunctie
(= nier-insufficiëntie), waardoor sommige medicijnen en hun afbraakproducten (= metabolieten) minder goed worden uitgescheiden (via de urine).
-
duizeligheid bij snel opstaan
(= orthostatische hypotensie), waardoor - met name bij gebruik van bloeddrukverlagers (= anti-hypertensiva)- grotere kans op duizeligheid en vallen.
-
last van andere aandoeningen
(= co-morbiditeit), waardoor eerder complicaties kunnen optreden.
-
gebruik van andere medicijnen
(= co-medicatie), waardoor grotere kans op wisselwerkingen (= interacties).
-
minder goed gebruik van medicijnen
(= medicatie-ontrouw) als gevolg van o.a. slechtziendheid, vergeet-achtigheid en moeite met het gebruik (o.a. inhalaties) en openen van de verpakking.
Opmerkingen
- In de praktijk gaat het vaak om een combinatie van bovengenoemde oorzaken.
- De volgende medicijnen veroorzaken bij ouderen nogal vaak wisselwerkingen: aminoglycoside-antibiotica, anti-psychotica, barbituraten, bloedsuiker-verlagende tabletten (= orale anti-diabetica), cisapride (= Prepulsid®) , digoxine (= Lanoxin®), epilepsie-middelen, kinidine, lithium (= Camcolit®, Litarex®, Priadel®), parkinson-middelen, procaïnamide (= Pronestyl®), sterke pijnstillers (= opioïden), theofylline (= Euphylline®, Theolair®), tricyclische anti-depressiva (= TCA's), vancomycine (= Vancocin®), verapamil (= Genagin®, Isoptin®).
- Veel ouderen zijn gebaat bij een
goede medicatie-begeleiding
door arts, apotheker, familie, verpleegkundigen en verzorgers.