“Vrouwen zijn geen mannen en mannen zijn geen vrouwen.” De zo logisch lijkende woorden van Catherine van Heest van Care for Women echoden nog lang na. Van Heest sprak de woorden tijdens een rondetafelgesprek dat ik, man, had met vier vrouwelijke deskundigen over de overgang.
Ze vertelde dat farmaceuten zich bij het ontwikkelen en testen van geneesmiddelen richten op mannen. Omdat het goedkoper is. Mannen hebben namelijk meer gemeenschappelijke lichaamskenmerken dan vrouwen.
Een onderwerp als de overgang is voor vrouwen vaak al met raadsels omgeven. Laat staan dat mannen van de hoed en de rand weten. Helaas weten mannen ook amper iets van hun eigen lichaam. Het zijn wandelende zakken gevuld met botten, spieren en steeds vaker ook met vet. Gezondheid is het terrein van hun vrouwelijke partner. Dat het zwakke geslacht (vrouwen) ouder wordt dan het sterke geslacht (mannen) komt onder meer doordat vrouwen bewuster met hun gezondheid omgaan en eerder aan de bel trekken.
Ooit vroeg mijn dochter tijdens een discussie: “Wat is nu eigenlijk het verschil tussen een jongen en een meisje?” De rest van het gezin proestte het uit van het lachen. Maar ook haar vraag ging natuurlijk dieper.
De bestuurskamers van de farmaceutische industrie, ziekenhuizen en zorgverzekeraars zijn traditioneel vooral gevuld met mannen. Dat betekent dat de zorg slecht afgestemd blijft op vrouwen en ook dat mannen hun gezondheid niet serieus blijven nemen. Waren mannen soms maar een beetje meer vrouw. Het zou mannen en vrouwen goed doen.
Stan van Eck, hoofdredacteur